Reflectie op de digitale cultuur

Reflectie op de digitale cultuur

Studiegidsnummer
5072RODC6Y
Admin. code
OWII
Studielast
6
Studiejaar
IK: jaar 2 en 3; INF jaar 2
Periode(n)
Semester 2 blok 2Zie ook
Onderwijsinstituut
College of Science domein Informatiewetenschappen
Docent(en)
dr. G. Alberts (coördinator)
Onderdeel van

Leerdoelen

  • Inzicht in de maatschappelijke aspecten van het vak, Informatica, Informatiekunde, respectievelijk Kunstmatige Intelligentie.
  • Kennis van de geschiedenis van het vak.
  • Het verwerven van elementair gereedschap om na te denken over vraagstukken van maatschappelijke verantwoordelijkheid van de wetenschapper.
  • Confrontatie met de denkwijzen van andere disciplines en met interdisciplinair denken.
  • Zelfstandig een visie kunnen formuleren op de maatschappelijke aspecten van het vak.

Inhoud

De computerwetenschappen –informatica, informatiekunde en kunstmatige intelligentie– zijn spannende onderdelen van de cultuur: opwindende techniek met een controversiële geschiedenis en invloed tot in de verste uithoeken van de samenleving. Sterker nog, ze maken de cultuur tot een digitale cultuur. De plaats van deze wetenschappen in de samenleving vraagt van universitair geschoolden dat ze nadenken over de beroepspraktijk en de wetenschapsbeoefening. Dit college biedt gereedschap voor dat nadenken. Het reflectie-gereedschap lenen we in dit college bij de geschiedenis en de filosofie.

Het college Reflectie op digitale cultuur begint met een crash course computergeschiedenis van vier weken. De tweede helft van het college biedt cultuurfilosofie van de computerwetenschappen.

Aanmelden

Opgave via https://www.sis.uva.nl tot 4 weken voor aanvang van het semester is verplicht.

Onderwijsvorm

Reflectie op digitale cultuur is een gemeenschappelijk hoorcollege, in combinatie werkcolleges voor elk van de drie disciplines afzonderlijk.

Studiemateriaal

  • Martin Campbell-Kelly en William Aspray Computer, A history of the information machine van (Basicbooks 1996; Westview 20042)
  • Peter Paul Verbeek, De grens van de mens; over techniek, ethiek en de menselijke natuur. (Lemniscaat, 2011)

Toetsvorm

Opdrachten voor het werkcollege.

Het vak wordt afgerond met het schrijven van een essay (circa 3500 woorden) en een presentatie aansluitend bij een van de behandelde onderwerpen.

Reflectie op de Digitale Cultuur

Vakhandleiding

Informatica, 2e semester jaar 2 Informatiekunde, 2e semester jaar 2 of jaar 3

dr. Gerard Alberts Korteweg-De Vriesinstituut G.Alberts@uva.nl

1 Verloop vak

De cultuur is in al haar facetten doortrokken van de invloeden van informatietechnolo- gie. Deze enorme rol vraagt van universitair geschoolde informatiewetenschappers dat ze kunnen nadenken over de beroepspraktijk en de wetenschapsbeoefening. Dit col- lege biedt gereedschap voor dat nadenken. Het reflectiegereedschap lenen we bij de geschiedenis, de filosofie en de sociologie.

1.1 Leerdoel

Je verwerft inzicht in de maatschappelijke aspecten van de informatiekunde, informa- tica en kunstmatige intelligentie. Je oefent je in de geschiedenis en filosofie van deze vakken. Je maakt je vertrouwd met elementair gereedschap om na te denken over de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de wetenschapper. Je verbreedt je blik door confrontatie met de denkwijzen van andere disciplines en met interdisciplinair denken.

1.2 Vorm

  1. De vorm van dit college is hoorcollege-leeswerk-opstel-werkcollege. Je luistert, leest, schrijft een kort opstel (ca. 300 woorden) en discussieert. Je opstel is de basis van je inbreng in het werkcollege. Lever het op tijd in en heb het geprint bij je op het werkcollege. Iedere week behelst een afgerond thema van geschiedenis (de eerste drie weken) of filosofie (de drie weken daarna).

  2. Het vak wordt afgerond met het schrijven van een essay (ca. 3500 woorden) dat aansluit bij één van de behandelde onderwerpen. Gedurende de collegereeks werk je in vijf stappen naar het essay toe. Deze worden nader toegelicht in sectie 3 van deze handleiding.

  3. Het college op vrijdag 15:00 uur (en éénmalig, in de tweede week, op maandag 8 april, 15:00 uur) wordt voortgezet met een werkcollege. Afhankelijk van de groep

waarin je bent ingedeeld vindt dit plaats op dinsdag vanaf 13:00 uur of woensdag vanaf 15:00 uur.

1.3 Voorbereiding

Er is geen bijzondere kennis verondersteld. Het college volgt de boeken:
1.
Computer, A history of the information machine, Martin Campbell-Kelly en William Aspray (Basicbooks 1996; Westview 2004)
2.
De grens van de mens; over techniek, ethiek en de menselijke natuur, Peter Paul Ver- beek (Lemniscaat, 2011).

1.4 Beoordeling

Opdrachten Per week lever je een kleine opdracht in. Wat je inlevert moet een goed geschreven stuk zijn. Je schrijft goed Nederlands in lopende volzinnen; geen op- sommingen. Mik op 300 à 400 woorden, dat is minder dan een A4’tje.

Maak geen aparte titelpagina, maar schrijf nummer en titel van de opdracht (bij- voorbeeld ‘RDC 1’), naam, studentnummer en datum links bovenaan het blad. Lever dit digitaal in, en print het om mee te nemen naar het werkcollege.

Essay Er zijn geen deeltentamens bij dit vak. Je schrijft ter afronding een essay. Hier werken we in vijf stappen naar toe. Je bepaalt in de eerste week je onderwerp en werkt zo verder. Het uiteindelijke essay dient direct na afronding van het college ingeleverd te worden. Het verdient aanbeveling om je wekelijkse opdrachten te hergebruiken in je essay.

Oordeel Deopdrachtenperweekmoetenalleingeleverdwordenenvoldoendegemaakt. De beoordeling van het essay in wording (de opdrachten W1-W4) dienen louter ter indicatie van het cijfer dat je voor je essay zult krijgen, mits je op dezelfde manier doorwerkt. Het eindcijfer wordt voor 25% bepaald door je aanwezigheid en inzet, voor 25% door de wekelijkse opdrachten en voor 50% door het essay.

2 2.1

Inhoud in detail Voorbereiding: tutorial

Het eerste werkcollege (op dinsdag 2 of woensdag 3 april) biedt twee tutorials, die je voorbereiden op de opdrachten in het college. Neem je laptop mee om aan de tutorials mee te kunnen doen. De twee tutorials zijn:

1. Bibliografische databases, dat wil zeggen instructie en oefening in het zoeken van wetenschappelijke literatuur, specifiek gericht op het essay (opdracht RDC W1) en de eerste opdracht (RDC 1, biografie van een held)
2. Rationale; het opbouwen van een heldere argumentatiestructuur (opdracht RDC W2).

2.2 Geschiedenis

Het college geeft een overzicht van de historische ontwikkeling van de computer en zijn toepassingen in de tweede helft van de twintigste eeuw. Het gaat over computers, software, informatica en over de uiteenlopende tradities in de informatiewetenschappen (kunstmatige intelligentie, robotica, software engineering, informatica, adminstratieve automatisering). Het Nederlandse part in deze geschiedenis komt uitdrukkelijk aan bod.

Je komt te weten wie de gebroeders Droz waren, Boole en Babbage, maar meer nog Turing, Von Neumann, Wiener en McCarthy. De Nederlandse informatica begon met Van Wijngaarden, Van der Poel en Dijkstra. De Nederlandse informatiekunde heeft haar wortels in de administrative organisatie met mensen als Starreveld, Van der Schroeff en Euwe.

Administratieve organisatie, met de droom om alles te noteren en te regelen is een van de tradities waar de ontwikkeling van de computer rond 1950 op stoelde. De an- dere tradities waren rekenwerk en procesbesturing. Andersom nam de geschiedenis van gegevensverwerking een nieuwe wending met de komst van de rekenautomaat. Admin- istratieve automatisering was een vak, maar wat was de status ervan, wat was de relatie tot wetenschap, tot informatica in het bijzonder? En had informatica een academische status? De strijd om de academische disciplines speelde overal, maar Nederland was met twaalf jaar vechten recordhouder.

Het college behandelt de dromen en de verwerkelijking, de plannen en de onenigheid. Zo ontstaat een beeld van de herkomst van de computerwetenschappen in Nederland. Het geschiedenisdeel van het college volgt de lijn van het boek Computer, A history of the information machine van Martin Campbell-Kelly en William Aspray (Basicbooks 1996; Westview 2004), aangevuld met literatuur over de Nederlandse ict-geschiedenis. Het boek moet je zelf kopen; aanvullende teksten zijn beschikbaar via Blackboard.

College 1: computers

Hoorcollege Werkcollege Literatuur

Vrijdag 5 april.
“Computers op het kruispunt van drie tradities; Nederlandse pioniers.”

Dinsdag 9 april, of woensdag 10 april. “Helden.”

Computer. A history of the information machine: hoofdstukken 1 tot en met 4.
‘Een halve eeuw computers’, Gerard Alberts, 2002 (Blackboard).

College 2: software

Hoorcollege

Werkcollege

Literatuur

Maandag 8 april.
a. “Van geluid naar software,” b. “Filoso
fische thema’s”
c. “Essay-onderwerpen.”

Dinsdag 16 april of woensdag 17 april. “Software, simulatie en softwarecrisis”

Computer. A history of the information machine: hoofdstukken 7 tot en met 9.
‘The roots of software engineering’, Michael S. Mahoney, 1990. (Black- board)

‘Hackers: Loving the machine for itself’, Sherry Turkle, uit The second self, 1984. (Blackboard)

College 3: Diversiteit van disciplines en digitale cultuur

Hoorcollege Vrijdag 19 april.
“Veelheid van beroepen; digitale cultuur”

Werkcollege Dinsdag 23 april of woensdag 24 april. a. “Gemankeerde beroepsvorming”;

b. “disciplinevorming in de informatiewetenschappen”.

Literatuur Computer. A history of the information machine: hoofdstukken 10 tot en met 12

Iets met computers. Over beroepsvorming van de informaticus, Ruud van Dael, 2001 (Blackboard).

2.3 Filosofie

De informatiesamenleving maakt plaats voor de digitale cultuur. De computerweten- schappen lopen hierin voorop. Dat geeft de expert op dit gebied bijzondere mogelijkhe- den. Het tweede gedeelte van het college, cultuurfilosofische en sociologische aspecten van de digitale cultuur, plaatst deze wetenschappen in een ruimere context.

De computer heeft zijn invloed op de cultuur doordat hij onze manier van kijken naar de werkelijkheid, en naar onszelf, drastisch verandert. Zo is de computer een “defining technology” voor de huidige tijd, aldus David Bolter in zijn boek Turing’s man (1984).

Turings beroemde essay uit 1950 is een treffend voorbeeld van de veranderde manier kijken naar de mens. Even kenmerkend voor informatietechnologie is de zelfreflectie die ermee gepaard gaat. Er is voortdurend discussie, kritiek en zelfkritiek, zoals bij Wiener, Weizenbaum of Dreyfus. Een van de telkens terugkerende discussies is die over een dreigende overheersing door techniek, de nachtmerrie van Big Brother, zoals geschetst in

George Orwells roman 1984. De filosoof Jos de Mul legt uit dat dergelijk pessimisme, en dit geldt evenzeer voor optimistische verwachtingen, ten aanzien van maatschappelijke beheersing met informatietechnologie berust op de gedachte dat alles beheersbaar zou zijn (Jos de Mul, Cyberspace Odyssee, 2002). En deze veronderstelde beheersing gaat nu net niet op voor informatietechnologie. Dergelijke beelden zijn niet alleen achterhaald, ze staan een vruchtbare discussie over maatschappelijke verantwoordelijkheid die volgt uit de mogelijkheden van de informatica, kunstmatige intelligentie en informatiekunde. De filosoof Peter Paul Verbeek vermijdt de doodlopende wegen in de discussie in zijn recente boek: De grens van de mens; over techniek, ethiek en de menselijke natuur. (Lemniscaat, 2011).

De filosofische reflectie ronden we af met een praktische uitwerking: sociologie van het beroep aan de hand van fragmenten uit Ruud van Dael, Iets met computers; over beroepsvorming van de informaticus (2001).Het is de combinatie van deze drie benaderin- gen, geschiedenis, filosofie en een toefje sociologie, die de maatschappelijke verantwo- ordelijkheid van de ict-expert bespreekbaar maakt.

College 4: mens- en wereldbeeld

Hoorcollege

Werkcollege

Literatuur

Vrijdag 26 april.
“Metaforen, Turing en bepalende techniek”

Dinsdag 7 mei of woensdag 8 mei.
“Ethos van het vak; gewoontes en debatten over denken in systemen”.

De grens van de mens: proloog en hoofdstuk 1.
‘Computing machinery and intelligence’, Alan M. Turing, 1950 (Black- board).
Turing’s Man, Jay David Bolter, 1984, hoofdstuk (Blackboard).

Intermezzo: presentaties werkstukken op 14 en 15 mei. College 5: techniekfilosofie

Hoorcollege

Werkcollege

Literatuur

Vrijdag 17 mei. “Mens en techniek”

Dinsdag 21 mei of woensdag 22 mei.
“Wijsgerige antropologie van systeemontwikkeling als techniek”.

De grens van de mens: hoofstukken 2 en 3.
What computers still can’t do, Hubert L. Dreyfus, 1992, fragmenten (Blackboard).
De machine voorbij, Maarten Coolen, 1992, fragmenten (Blackboard).

College 6: verantwoordelijkheid

Hoorcollege

Werkcollege

Literatuur

3 Essay

Vrijdag 24 mei, 15:00 uur.
“Maakbaarheid en transhumanisme; systeemontwerp en maatschap- pelijke verantwoordelijkheid”

Dinsdag 28 mei of woensdag 29 mei. “Verantwoordelijkheid”.

De grens van de mens, hoofdstuk 5 en 6, plus de epiloog. ‘Big brother bestaat niet’, Jos de Mul, 1999.

Zoals gezegd werk je in vijf stappen naar je uiteindelijke essay toe. Bij deze stappen horen de volgende vijf opdrachten, de zogenaamde ‘W-opdrachten’, waarvan de eerste drie het werkcollege na de deadline besproken worden. Het gaat om de volgende stappen: 1. Onderwerp Je kiest een onderwerp voor je essay en zoekt daar literatuur bij. Ieder

onderwerp in de geschiedenis of filosofie van de informatiewetenschappen, of van de wetenschap in het algemeen, is geoorloofd, als het maar reflectie op je eigen vak biedt. Er moet literatuur over zijn, en het onderwerp moet in de zeven weken van dit college uit te werken zijn.

Inleveren voor donderdag 11 april, 23:59 uur.

2. Schets van het betoog Geef een uitgewerkte schets van het betoog of het verhaal van je essay. Belangrijk is dat je nu weet hoe je de gevonden literatuur wilt gebruiken. Het is handig hier reeds samenvattingen van het materiaal in te voegen. Met Rationale breng je de structuur van je betoog in beeld. Inleveren voor donderdag 18 april, 23:59 uur.

3. Concept Schrijf een volledige versie van je essay Inleveren voor zondag 12-05, 12-05, 23:59 uur.

4. Presentatie Je maakt een presentatie in PDF/ Powerpoint/ Prezy, te presenteren op dinsdag 14 of woensdag 15 mei. Let op, iedere werkgroep heeft hier twee lange bijeenkomsten op dinsdag en woensdag.

5. Essay Je levert je uiteindelijke essay in voor maandag 27 mei, 23:59 uur. 

Comments